Een jong kind begrijpt een verhuisbeslissing niet zoals een volwassene. Het merkt wie er is, wie verdwijnt en welke vertrouwde gewoonten veranderen. In onze pleegzorgervaring met L. werd daarom één vraag steeds dringender: hoe beschermen we de band met zijn zorgfiguren wanneer volwassenen over zijn toekomst beslissen?
Dit is ons persoonlijke verslag van de periode 2019–2021. We beschrijven onze waarnemingen, herinneringen en vragen als pleeggezin. De ervaringen met dit dossier zeggen niet hoe iedere pleegzorgdienst of medewerker werkt. Ze tonen wel waarom wij pleiten voor zorgvuldige overdracht, voorspelbare contacten en begeleiding die ook het dagelijkse leven van een kind kent.
De boeklinks in dit artikel zijn affiliatelinks naar bol.com. Koop je via zo’n link, dan kan narcisme.blog een kleine commissie ontvangen zonder extra kosten voor jou.
Inhoudsopgave
- Hulpverlening aan jonge kinderen met een belaste voorgeschiedenis
- Een vertrouwd netwerk verdient aandacht
- De start van de opvang in juni 2019
- Dagelijkse zorg: groeien in kleine stappen
- Een overgang die ons onzeker maakte
- Afscheid op 18 maart 2020
- Contact hervatten: kleine hoop en nieuwe groei
- Een nieuw pleeggezin en opnieuw de vraag naar korte pijn
- Wat we met dit verhaal willen meegeven
Hulpverlening aan jonge kinderen met een belaste voorgeschiedenis
We vingen twee zeer jonge kinderen op die al moeilijke ervaringen hadden meegemaakt. In de gesprekken over een overgang naar een andere verblijfplaats hoorden we de uitdrukking ‘de korte pijn’. Die woorden bleven bij ons hangen. Een afscheid kan voor volwassenen snel voorbij zijn, terwijl een kind nog lang zoekt naar de mensen die het vertrouwde.
Gedrag vertelt maar een deel van het verhaal. Een kind dat zich vastklampt, slecht slaapt of overstuur raakt bij een afscheid, heeft volwassenen nodig die rustig kijken naar de omstandigheden. Wat gebeurde er vóór de spanning? Welke vertrouwde persoon kan helpen? Wat is er veranderd in het ritme van het kind?
Wie de achtergrond van zulke vragen wil verdiepen, vindt in Van kwetsuur naar litteken een gespecialiseerde verkenning van hulpverlening aan kinderen met complex trauma. Het boek helpt om ontwikkelingsmoeilijkheden in hun context te bekijken.
Pleegzorg is een belangrijke vorm van opvang en ondersteuning. Er bestaan verschillende vormen, van ondersteunende opvang tot een langdurig verblijf. Welke vorm passend is, vraagt een afweging van de situatie van het kind, zijn ouders en de beschikbare zorg. De actuele omschrijvingen staan bij de verschillende vormen van pleegzorg.
Een vertrouwd netwerk verdient aandacht
Netwerkpleegzorg vertrekt van mensen die een kind of gezin al kennen. Dat kan familie zijn, maar ook iemand uit het sociale netwerk. In ons geval bestond er al jarenlang contact met het gezin. Juist daarom wilden we begrijpen hoe die bestaande band meegewogen werd.
Een kind heeft een geschiedenis vóór een plaatsing en bouwt tijdens die plaatsing nieuwe relaties op. Voor ons hoort die geschiedenis zichtbaar te blijven in elke beslissing. In onze eerdere oproep voor een gezinsvervangende thuis en continuïteit voor jonge kinderen legden we uit waarom we daar zoveel belang aan hechten. Een aanvullende achtergrondtekst bespreekt wat een uithuisplaatsing met vertrouwde banden kan doen. Die bredere invalshoek helpt om vragen over continuïteit te stellen naast ons persoonlijke verhaal.
De start van de opvang in juni 2019
Vóór L. bij ons kwam, waren er ernstige zorgen over de veiligheid in zijn gezin. In onze aantekeningen staan middelengebruik, geweld en onregelmatige aanwezigheid in de kinderopvang. Zijn moeder had zelf een moeilijke voorgeschiedenis. We hoopten dat zowel zij als haar kinderen passende hulp zouden krijgen.
Op 18 juni 2019 namen we de dagelijkse zorg voor L. op ons. We hadden al ervaring als pleeggezin. Toch voelden we ons onvoldoende geïnformeerd over de voorwaarden van deze nieuwe opvang, de duur ervan en de mogelijke vervolgstappen.
Het eerste verblijf liep onder perspectiefzoekende pleegzorg. Voor ons bleven belangrijke vragen open: wat werd er precies onderzocht, wie nam welke beslissing en welke rol konden wij daarna nog spelen? We ervoeren spanning in het contact met de lokale pleegzorgdienst. We voelden ons emotioneel geïntimideerd toen ook de begeleiding van ons andere pleegkind ter discussie kwam.
We vroegen naar een netwerkscreening en naar mogelijkheden om onze bezorgdheid te laten onderzoeken. Informatie over klachten en verdere stappen bereikte ons volgens onze herinnering pas later. Ook aanvragen in andere provincies leverden geen nieuwe mogelijkheid op. Dat maakte het moeilijk om te weten waar we nog terechtkonden.
Dagelijkse zorg: groeien in kleine stappen
Ondertussen leefde L. gewoon met ons mee. Hij sliep en at goed, begon meer te brabbelen en zocht toenadering. Knuffelen, muziek, Bumba, wandelen en spelen kregen een plaats in zijn dag. Hij genoot van dieren, de buggy en de fiets. Autoritten vond hij minder prettig.
Ook met ons andere pleegkind groeide een band. L. werd opgenomen in ons ruimere netwerk. Tijdens een gezamenlijke vakantie waren er natuur, dieren en veel tijd om samen te zijn. Zulke gewone momenten werden deel van zijn vertrouwde wereld.
De contacten met zijn ouders verliepen wisselend. Er waren videogesprekken en later bezoeken in de kinderopvang. Wij misten duidelijke, gezamenlijke afspraken over de bezoekregeling. We wilden dat de band met zijn moeder en de dagelijkse zorg in ons gezin naast elkaar ruimte kregen.
Voor wie wil nadenken over dagelijkse reacties op sterke gevoelens, biedt Het hele brein, het hele kind van Daniel J. Siegel en Tina Payne Bryson (e-book) praktische opvoedingsideeën. Dat kan een aanvulling zijn bij de begeleiding van een pleeggezin; het vervangt geen individuele beoordeling van een kind.
Een overgang die ons onzeker maakte
De geplande overgang naar een voorziening ging aanvankelijk niet door. We waren al onderweg toen we daarover een bericht kregen. We keerden met L. terug naar huis. Voor ons was dat een rollercoaster van hoop, opluchting en nieuwe onzekerheid.
We vroegen om een geleidelijke overgang. Volgens ons verslag kregen we te horen dat ‘de korte pijn’ beter zou zijn. Er waren kennismakingsmomenten met de voorziening en zijn broertjes, maar wij bleven vragen stellen over wat een peuter nodig had om afscheid en verandering te dragen.
We leerden er ook betrokken en vaardige medewerkers kennen. Bij sommige begeleiders verliepen contacten en overgangen aangenaam. Onze kritiek op de beslissingen doet niets af aan de warme zorg die individuele mensen gaven.
Van december 2019 tot maart 2020 bleef L. bij ons. We zochten naar manieren om hem houvast te geven. Een kalender met symbolen hielp ons om dagen, uitstappen en contacten herkenbaar te maken. Wij wilden onze rol zo goed mogelijk opnemen, ook toen een langdurig verblijf bij ons steeds minder haalbaar leek.
Ons netwerk schreef brieven naar verschillende instanties, waaronder de JO-lijn. Ook kwam er een doorverwijzing vanuit het Koninklijk Hof. We hoopten op een zorgvuldig onderzoek naar de situatie van L. De antwoorden die we kregen, namen onze zorgen over de afwegingen en de begeleiding niet weg.
Afscheid op 18 maart 2020
In de weken vóór de verhuis waren we opnieuw in de voorziening om te wennen. Thuis zocht L. veel nabijheid. We brachten ons andere pleegkind samen naar school, maakten wandelingen en bezochten vertrouwde plekken. Ook namen we afscheid van mensen en van de kinderboerderij waar we zo vaak geweest waren.
Op 18 maart 2020 ging L. als peuter naar de voorziening. Zijn moeder was bij de overdracht aanwezig. We hoopten dat wat we over zijn ontwikkeling, gewoonten en reacties hadden verteld, goed zou worden doorgegeven. Een duidelijk overdrachtsdocument waar wij op konden terugvallen, ontbrak voor ons.
Kort daarna beperkte de coronacrisis het contact ingrijpend. Gedurende ongeveer tien weken zagen we hem alleen via korte videogesprekken. Hij herkende zijn witte beer, de mensen thuis en de liedjes die we zongen. Soms liep hij naar de deur, alsof we zouden komen.
Een begeleidster vertelde dat hij na een gesprek getroost moest worden. Ze stuurde geregeld een foto wanneer hij weer rustiger was. We waardeerden die aandacht. Tegelijk voelde een scherm voor ons heel anders dan samen spelen, op schoot zitten of een vertrouwde knuffel krijgen.
We vroegen tweemaal of hij tijdens de lockdown bij ons kon verblijven. Volgens ons verslag stond de voorziening daarvoor open, maar werd de vraag door de andere betrokken instanties niet gevolgd. Dat was moeilijk te begrijpen en te dragen.
Contact hervatten: kleine hoop en nieuwe groei
Toen de maatregelen versoepelden, kwamen er opnieuw wandelingen en verblijven bij ons. We hielden ons zorgvuldig aan de coronaregels, omdat we het contact niet in gevaar wilden brengen. Een gewoon uitstapje of terrasje kreeg daardoor een bijzondere betekenis.
Tijdens de zomervakantie verbleef L. opnieuw langere tijd bij ons. We vierden zijn verjaardag samen met zijn ouders. Hij praatte meer, speelde graag in de zandbak en begon aan potjestraining. De veertiendaagse bezoeken voelden vertrouwd.
Ik werkte uren aan een handelingsplan om onze kennis over L. te bundelen. We wilden beschrijven wat hem hielp, hoe hij reageerde en welke gewoonten hem rust brachten. Toen we later hoorden dat een nieuw pleeggezin werd gezocht, misten we een zichtbare plaats voor dat plan in de verdere overdracht.
Op 6 augustus 2020 kregen we volgens onze aantekeningen te horen dat de ouders en wij onvoldoende gehoord waren. Die boodschap gaf ons hoop. Toch bleef de onzekerheid over onze toekomstige rol bestaan.
Een nieuw pleeggezin en opnieuw de vraag naar korte pijn
In maart 2021 veranderden de afspraken opnieuw. Een weekend dat achteraf ons laatste bleek te zijn, was voor ons en voor L. geen aangekondigd afscheid. Ook geplande contacten rond Pasen gingen niet door.
Er werd voor L. en een broertje een afzonderlijk pleeggezin gevonden. Wij spraken opnieuw met de medewerkers die de plaatsing voorbereidden. Een begeleidster uit de voorziening wilde volgens ons pleiten voor een zachte overgang. We hoopten dat de nieuwe pleegouders een volledig beeld zouden krijgen van zijn geschiedenis bij ons.
Wij hadden de indruk dat slechts beperkte informatie werd overgedragen. Dat raakte ons diep: meer dan de helft van zijn jonge leven hadden we op verschillende momenten zorg voor hem gedragen. Zijn vertrouwde mensen, woorden en rituelen waren voor ons wezenlijke informatie.
Na een onderbreking volgde een kort videogesprek met de nieuwe pleegouders en begeleiders. Later kon hij weer bij ons komen. Bij een afscheid volgden we het advies om hem bij de hand te houden en zo over te dragen. Hij raakte uiteindelijk overstuur. Daarna kregen we te horen dat hij enkele dagen een terugval had laten zien.
Opnieuw kwam de vraag of het contact beter abrupt kon stoppen. Voor ons was dat de kern van de pijn: welke betekenis krijgt een bestaande band in zo’n afweging, en hoe weten we wat een kind nodig heeft?
Ook pleegouders kunnen rouwen om een kind dat elders verder leeft. Helpen bij verlies en verdriet van Manu Keirse kan helpen om verlies en verdriet beter te begrijpen en om steun te bieden zonder het afscheid te minimaliseren.
Wat we met dit verhaal willen meegeven
We pleiten voor beslissingen waarin de veiligheid van het kind, zijn ouders, zijn relaties en zijn ontwikkeling samen bekeken worden. Een verblijf kan moeten veranderen. Juist dan verdienen de voorbereiding, de overdracht en de verdere contacten zorgvuldige aandacht.
- Luister naar de dagelijkse zorgfiguren. Zij kennen gewoonten, spanningssignalen en manieren om een kind te troosten.
- Maak de afweging begrijpelijk. Leg uit welke informatie gebruikt wordt en waarom een bepaalde stap nodig is.
- Draag de geschiedenis over. Deel rituelen, vertrouwde woorden, belangrijke mensen en werkzame ondersteuning.
- Maak concrete contactafspraken. Benoem wat mogelijk is, wie het opvolgt en wanneer er geëvalueerd wordt.
- Blijf naar het kind kijken. Beoordeel een overgang ook aan de hand van wat er in zijn dagelijkse leven gebeurt.
Onze ervaring laat ons achter met verdriet én met de overtuiging dat warme zorg verschil maakt. L. was geen dossier voor ons. Hij was een kind dat graag speelde, knuffelde en groeide. Die gewone menselijkheid willen we zichtbaar houden.
Welke kleine stap past vandaag bij jou?
Neem mee wat je helpt. Je kunt één inzicht laten bezinken, iets opschrijven of steun vragen. Kies wat bij jouw mogelijkheden past; ook rust nemen mag.
Wil je verder lezen? Kies via Start hier een gids die bij jouw vraag past.
Goed om te weten: onze informatie ondersteunt inzicht en zelfreflectie en vervangt geen persoonlijke diagnose, behandeling of professioneel advies.
Een vraag of fout melden? Neem contact op met ons. Vermeld bij een fout de link en de betrokken passage. Dit contactkanaal is geen crisisdienst.
Lees in onze publicatieprincipes hoe we werken meer over onze achtergrond, bronnen, correcties en commerciële verwijzingen.
Liefs,
Annemie Persyn-Declercq en Johan Persyn
Wij vallen. Wij staan op. Wij groeien.
Ontdek meer van
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
