Mensen ontmoeten elkaar op een zonnig Belgisch stadsplein, als symbool voor sociale rechtvaardigheid, solidariteit, gelijke kansen en een nieuw sociaal contract.
| | | | | | | | | | | | | |

Sociale rechtvaardigheid bestaat uit meer dan inkomen

Wanneer we sociale rechtvaardigheid beoordelen, kijken we vaak eerst naar het inkomen. Dat is logisch. Wie onvoldoende verdient of een te lage uitkering ontvangt, kan moeilijk zijn huur, voeding, energie en medische kosten betalen.

Toch vertelt inkomen slechts een deel van het verhaal.

Een eerste vraag is daarom: beschikt iemand over voldoende middelen om elke maand menswaardig te leven? Lage lonen, ontoereikende uitkeringen en een hoge belastingdruk op bescheiden arbeidsinkomens kunnen ervoor zorgen dat mensen ondanks hun inspanningen financieel kwetsbaar blijven. Hogere minimumlonen, gerichte lastenverlagingen en voldoende hoge sociale uitkeringen kunnen die onzekerheid verminderen.

Maar daarnaast speelt ook vermogen een grote rol.

Iemand met een woning, spaargeld of familie waarop hij kan terugvallen, staat sterker dan iemand met hetzelfde maandelijkse inkomen maar zonder financiële buffer. Vermogen bepaalt of je een onverwachte factuur kunt betalen, tijdelijk minder kunt werken of een opleiding kunt volgen.

Daarom moeten we ook vragen: heeft iemand een reserve wanneer het leven tegenzit?

De verschillen in vastgoedbezit, erfenissen en financiële beleggingen zijn veel groter dan de inkomensverschillen alleen doen vermoeden. Een evenwichtiger belasting van grote vermogens en financiële meerwaarden kan daarom bijdragen aan een eerlijkere verdeling, zolang gewone spaarders, de gezinswoning en kleine ondernemingen voldoende worden beschermd.

Een derde dimensie is de toegang tot essentiële voorzieningen.

Een recht bestaat pas werkelijk wanneer iemand het ook kan gebruiken.

Gezondheidszorg is niet volledig toegankelijk wanneer de wachtlijst twee jaar bedraagt. Kinderopvang helpt niet wanneer er in de buurt geen plaats beschikbaar is. Openbaar vervoer biedt geen oplossing wanneer de laatste bus vertrekt voordat een avondshift eindigt.

Daarom moeten we niet alleen vragen hoeveel geld iemand ontvangt, maar ook:

Kan deze persoon daadwerkelijk naar een dokter, school, werkplek of kinderopvang?

Publieke investeringen en voldoende lokale dienstverlening zijn daarbij onmisbaar.

Ten slotte gaat sociale rechtvaardigheid over macht.

Kan een werknemer zijn belangen verdedigen tegenover een grote werkgever? Kan een huurder protesteren tegen een onveilige woning zonder onmiddellijk zijn woonst te verliezen? Kan een patiënt een ingewikkelde beslissing van een administratie begrijpen en aanvechten?

Vakbonden, huurdersorganisaties, patiëntenverenigingen, toegankelijke beroepsprocedures en economische inspraak zorgen ervoor dat mensen niet volledig afhankelijk zijn van sterkere partijen.

Sociale rechtvaardigheid vraagt dus vier dingen tegelijk:

voldoende inkomen, een zekere financiële buffer, toegang tot basisvoorzieningen en voldoende macht om je rechten te verdedigen.

Niet iedere belastingverschuiving is automatisch rechtvaardig

België heeft nood aan een belastinghervorming. Maar niet iedere belastingverlaging of nieuwe belasting maakt het systeem vanzelf eerlijker.

Een algemene verlaging van de lasten op arbeid kan werknemers meer nettoloon geven en de loonkosten van ondernemingen verminderen. Toch moet men goed bekijken wie het grootste voordeel ontvangt.

Wanneer een algemene verlaging vooral terechtkomt bij de hoogste lonen, terwijl de overheid daardoor minder middelen heeft voor zorg, onderwijs en sociale zekerheid, wordt de ongelijkheid mogelijk groter.

Daarom is een gerichte lastenverlaging voor lage en gemiddelde lonen doorgaans rechtvaardiger dan een algemene verlaging voor iedereen.

Ook een belasting op financiële meerwaarden kan bijdragen aan een evenwichtiger verhouding tussen arbeid en vermogen.

Wie zijn inkomen hoofdzakelijk uit arbeid ontvangt, betaalt vandaag vaak automatisch belastingen en sociale bijdragen. Wie grote financiële winsten realiseert, kan in sommige gevallen van gunstigere regels genieten.

Een coherente meerwaardebelasting kan dat verschil verkleinen. Dan zijn wel een brede grondslag, duidelijke regels en zo weinig mogelijk uitzonderingen nodig. Anders ontstaan opnieuw achterpoortjes waarvan vooral mensen met gespecialiseerde fiscale adviseurs profiteren.

Een belasting op grote vermogens kan eveneens bijdragen volgens draagkracht. Maar zo’n belasting roept praktische vragen op.

Hoe waardeer je een onderneming?

Hoe voorkom je dat gewoon spaargeld of de gezinswoning te zwaar wordt belast?

Hoe vermijd je dat vermogen eenvoudig naar het buitenland wordt verplaatst?

Daarom heeft een rechtvaardige vermogensbelasting een hoge vrijstelling, heldere waarderingsregels en internationale samenwerking nodig.

Consumptiebelastingen, zoals btw en accijnzen, zijn administratief relatief eenvoudig. Toch treffen ze lage inkomens vaak zwaarder.

Een rijk en een arm gezin betalen dezelfde btw op een product, maar voor het arme gezin vertegenwoordigt die aankoop een veel groter deel van het beschikbare inkomen.

Wanneer de overheid consumptie zwaarder belast, moet zij lage inkomens daarom compenseren via hogere netto-inkomens, sociale tarieven of goedkope basisvoorzieningen.

Hetzelfde geldt voor milieubelastingen.

Een heffing op vervuiling kan gedrag veranderen en de ecologische transitie versnellen. Maar ze wordt sociaal onrechtvaardig wanneer mensen geen alternatief hebben.

Een pendelaar op het platteland kan zijn oude auto niet zomaar wegdoen wanneer er geen bruikbaar openbaar vervoer bestaat. Een huurder kan niet zelf beslissen om de woning te isoleren. Een gezin zonder spaargeld kan geen warmtepomp financieren omdat de overheid een premie belooft.

Daarom moet sociaal klimaatbeleid eerst investeren in haalbare alternatieven. Pas daarna kunnen financiële prikkels eerlijk en effectief werken.

Van sociale verzekering naar een nieuw sociaal contract

De Belgische sociale bescherming is niet in één keer ontstaan. Ze groeide stap voor stap, telkens als antwoord op economische veranderingen, maatschappelijke conflicten en nieuwe inzichten over solidariteit.

Een belangrijk historisch vertrekpunt was de publicatie van Rerum Novarum in 1891. Deze pauselijke encycliek erkende dat de industrialisering ernstige sociale misstanden veroorzaakte. Ze wees zowel onbegrensd economisch liberalisme als revolutionaire klassenstrijd af en verdedigde de organisatie van werknemers, een rechtvaardig loon en maatschappelijke verantwoordelijkheid.

Aan het begin van de twintigste eeuw groeiden vakbonden, mutualiteiten en coöperaties. Werknemers organiseerden zelf bescherming tegen ziekte, werkloosheid en inkomensverlies. Sociale zekerheid was toen nog geen vanzelfsprekend recht van de overheid. Ze werd van onderuit opgebouwd.

Het Sociaal Pact van 1944 vormde vervolgens een belangrijke basis voor de moderne Belgische sociale zekerheid. Werkgevers en werknemers aanvaardden dat economische wederopbouw gepaard moest gaan met collectieve sociale bescherming.

Tijdens de jaren vijftig en zestig werd die verzorgingsstaat verder uitgebreid. De economie groeide, lonen stegen en steeds meer mensen kregen toegang tot gezondheidszorg, pensioenen en sociale verzekeringen.

Vanaf de jaren zeventig veranderde de context. De oliecrisissen, oplopende werkloosheid en economische herstructureringen zetten de financiering van het systeem onder druk.

In de jaren tachtig kwamen begrotingssanering, loonmatiging en concurrentiekracht centraal te staan. De Belgische frank werd gedevalueerd, de index werd ingeperkt en sociale uitgaven kwamen onder toenemende druk.

Tijdens de jaren negentig kreeg het denken van de Derde Weg meer invloed. De sociale zekerheid moest niet alleen beschermen, maar mensen ook activeren. In de actieve welvaartsstaat werden rechten sterker verbonden met arbeidsdeelname, inzetbaarheid en persoonlijke verantwoordelijkheid.

In de jaren daarna nam de flexibilisering van de arbeidsmarkt verder toe. Europese begrotingsregels, globalisering en technologische verandering versterkten de nadruk op efficiëntie en concurrentiekracht.

Na 2010 kwamen daar digitalisering, nieuwe arbeidsvormen, strengere controles en verdere individualisering van sociale risico’s bij.

Vandaag staat België opnieuw voor een grote overgang.

De vergrijzing, klimaattransitie, arbeidskrapte, stijgende zorgnoden en technologische veranderingen zetten het bestaande model onder druk. Maar zij creëren ook kansen.

De periode tot 2045 kan daarom in het teken staan van een nieuw sociaal investeringspact.

Niet door terug te keren naar de samenleving van de jaren zestig.

Wel door sociale bescherming te verbinden met preventie, ecologische duurzaamheid, kwaliteitsvol werk, economische democratie en een rechtvaardige verdeling van macht en middelen.

De tien pijlers van een rechtvaardiger België

Een rechtvaardiger België kan niet worden gebouwd met één geïsoleerde maatregel. De verschillende onderdelen van de samenleving beïnvloeden elkaar.

Wie bijvoorbeeld werk wil stimuleren, moet ook kijken naar kinderopvang, vervoer, gezondheid en wonen. Wie armoede wil bestrijden, moet niet alleen het inkomen verhogen, maar ook vaste kosten en toegang tot diensten aanpakken.

Daarom steunt een nieuw sociaal contract op tien onderling verbonden pijlers.

Bestaanszekerheid als ondergrens

De eerste pijler is bestaanszekerheid.

Iedereen moet voldoende middelen hebben voor wonen, voeding, energie, kleding, medische zorg en maatschappelijke deelname. Dat vraagt adequate inkomens, maar ook automatische rechtentoekenning zodat mensen niet verdwalen in ingewikkelde procedures.

klik op de afbeelding voor meer informatie

Kwaliteitsvol en werkbaar werk

Werk moet meer bieden dan een statistische uitstroom uit een uitkering.

Het moet een behoorlijk inkomen, sociale bescherming, voorspelbaarheid en menselijke waardigheid opleveren. Dat vraagt goede lonen, veilige arbeidsomstandigheden en voldoende zeggenschap voor werknemers.

klik op de afbeelding voor meer informatie

Sociale zekerheid als verzekering

Werkloosheid, ziekte en ouderdom zijn sociale risico’s die niet volledig individueel beheersbaar zijn.

De sociale zekerheid moet daarom opnieuw sterker als verzekering functioneren. Wederkerigheid blijft mogelijk, maar voorwaarden moeten redelijk, proportioneel en menswaardig zijn.

Een belastingstelsel volgens draagkracht

Arbeid wordt in België zwaar belast.

Een rechtvaardige fiscaliteit verlaagt de druk op lage en gemiddelde arbeidsinkomens en vraagt een evenwichtigere bijdrage van grote vermogens, financiële inkomsten en economische renten.

klik op de afbeelding voor meer info

Betaalbaar en kwaliteitsvol wonen

Een stabiele woning is de basis voor gezondheid, onderwijs, werk en gezinsleven.

Daarom zijn meer sociale woningen, betaalbare middenhuur, renovatie en betere huurdersbescherming noodzakelijk.

Toegankelijke gezondheidszorg

Goede zorg moet tijdig en betaalbaar zijn.

Dat vraagt investeringen in huisartsen, geestelijke gezondheidszorg, tandzorg, preventie, chronische zorg en voldoende zorgpersoneel.

Gelijke ontwikkelingskansen

Ongelijkheid begint vaak vroeg.

Betaalbare kinderopvang, sterke scholen en extra ondersteuning voor kinderen met grotere noden kunnen voorkomen dat sociale achterstand van generatie op generatie wordt doorgegeven.

Een sociaal rechtvaardige klimaattransitie

De ecologische omslag mag niet worden betaald door mensen die zelf geen geld hebben om te investeren.

Daarom zijn publieke voorfinanciering, betaalbaar openbaar vervoer, energiezuinige woningen en ondersteuning bij omscholing noodzakelijk.

Economische democratie

Werknemers moeten meer invloed krijgen op beslissingen die hun werk, gezondheid en toekomst bepalen.

Vakbonden, ondernemingsraden, werknemersvertegenwoordiging en transparantie over investeringen en bedrijfssteun vormen daarvoor belangrijke instrumenten.

klik op de afbeelding voor meer informatie

Een betrouwbare en toegankelijke overheid

Sociale rechten hebben weinig betekenis wanneer burgers ze niet kunnen vinden of aanvragen.

Daarom zijn eenvoudige procedures, één sociaal loket, automatische toekenning en een verplichte sociale-effectentoets nodig.

Deze tien pijlers zijn geen afzonderlijke verlanglijst.

Ze vormen samen één systeem.

Wanneer wonen betaalbaarder wordt, daalt de financiële stress.

Wanneer kinderopvang beschikbaar is, kunnen meer ouders werken.

Wanneer werk werkbaar is, vallen minder mensen langdurig uit.

Wanneer mensen vroeger zorg krijgen, nemen latere kosten af.

Wanneer werknemers voldoende verdienen, stijgt de binnenlandse vraag.

Sociale rechtvaardigheid is daarom geen verzameling kostenposten.

Ze is een investering in de draagkracht van de volledige samenleving.

Van maatregel naar samenhangend beleid

De kern van dit toekomstmodel is dat problemen niet langer afzonderlijk worden behandeld.

Werkloosheid is niet alleen een arbeidsmarktprobleem.

Ze kan samenhangen met gezondheid, opleiding, discriminatie, mobiliteit, kinderopvang of wonen.

Langdurige ziekte is niet alleen een medisch probleem.

Ook werkdruk, arbeidsorganisatie, bestaansonzekerheid en wachttijden in de zorg spelen mee.

Armoede is niet uitsluitend een tekort aan inkomen.

Hoge huurprijzen, energiekosten, schulden en ontoegankelijke diensten kunnen een bescheiden inkomen volledig uithollen.

Klimaatbeleid is niet alleen een ecologisch project.

Het is ook woonbeleid, energiebeleid, mobiliteitsbeleid, arbeidsmarktbeleid en herverdeling.

Een rechtvaardige overheid kijkt daarom niet alleen naar afzonderlijke begrotingsposten.

Ze kijkt naar het volledige leven van mensen.

Pas dan wordt zichtbaar waarom een besparing op één plaats elders hogere kosten kan veroorzaken.

En pas dan kan België evolueren van een beleid dat problemen achteraf beheert naar een samenleving die problemen vroeger voorkomt.

klik op de afbeelding voor meer info

Alles op onze blog is voor Zelfzorg en solidariteit, vaardigheids- en reflectiepraktijk, groei en bewustwording met psycho-educatieve informatie over individu en samenleving.

Op geen enkele manier is dit een aanzet tot haat of geweld, discriminatie of racisme.

✨ Jouw volgende stap naar heling begint hier!

Voel je dat dit artikel je raakte? Dat het iets in beweging zette? Laat dat moment niet verloren gaan. Like, comment en share!

Sluit je aan bij onze online community – een warme, veilige plek waar gelijkgestemden elkaar begrijpen en ondersteunen.

👉 Doe een groeitaak die bij dit artikel hoort. Je vindt de groeitaken bovenaan de blog. Kleine stappen, grote transformaties.

Jouw stem kan iemand anders de herkenning geven die ze vandaag nodig heeft.

👉 Deel dit artikel met een vriend(in) die worstelt of twijfelt. Soms is één doorstuuractie het verschil tussen vastzitten en vooruitkomen.

Liefs Annemie en Johan Persyn-Declercq

Steun narcisme.blog door aankopen bij bol.

Gebruik het contactformulier!

We zijn benieuwd naar je reactie hieronder!Reactie annuleren