De deur die niemand had geopend

Het begon met een ziekenhuisgang.

Niet eens een bijzondere ziekenhuisgang. Geen dramatische scène. Geen arts die met neergeslagen ogen een kamer verliet. Alleen die merkwaardige stilte die ziekenhuizen soms produceren, alsof geluid er een andere dichtheid krijgt.

pas de taalinstellingen aan indien nodig

Een vrouw vertelde over de laatste uren van haar vader.

Ze sprak niet over medische apparatuur. Niet over diagnoses. Niet over de statistieken die artsen gebruiken om onzekerheid in percentages te veranderen.

Ze vertelde iets anders.

Dat haar vader, enkele minuten voor zijn overlijden, plotseling rechtop was gaan zitten. Dat hij naar een hoek van de kamer keek. Dat hij glimlachte. Dat hij iemand leek te herkennen.

“Ze zijn hier,” had hij gezegd.

Meer niet.

Daarna stierf hij.

Ik weet niet of het waar is.

Sterker nog: ik weet niet wat “waar” hier precies betekent.

Maar het verhaal bleef hangen.

Niet omdat het bewijs leverde voor een hiernamaals.

Niet omdat het iets bewees.

Juist omdat het niets bewees.

Omdat het een kleine scheur veroorzaakte in een wereldbeeld dat steeds vaker doet alsof alleen datgene bestaat wat meetbaar is.

Misschien is het vreemd hoe snel wij tegenwoordig van onverklaard naar onmogelijk springen.

Alsof het onbekende een administratieve fout is die vroeg of laat gecorrigeerd zal worden.

De verleiding van gesloten systemen

Er bestaat een bijzondere geruststelling in gesloten wereldbeelden.

Religies bieden haar aan.

Ideologieën bieden haar aan.

Soms biedt ook de wetenschap haar aan, al is dat nooit haar bedoeling geweest.

Het verschil tussen wetenschap en scientisme ligt precies daar.

Wetenschap zegt: dit weten we.

Scientisme zegt: wat we nu niet weten, zal uiteindelijk op exact dezelfde manier verklaard worden.

Dat lijkt een klein verschil.

Het is een enorm verschil.

Want wetenschap leeft van vragen.

Scientisme leeft van de overtuiging dat alle vragen uiteindelijk oplosbaar zijn.

Het eerste is nieuwsgierigheid.

Het tweede lijkt soms verrassend veel op geloof.

Een geloof zonder wierook.

Een geloof zonder rituelen.

Maar niet noodzakelijk zonder dogma’s.

De ironie is bijna ontroerend.

Eeuwenlang probeerden mensen religieuze zekerheden te relativeren door ruimte te maken voor twijfel.

Nu proberen sommige mensen twijfel te relativeren door haar opnieuw te vervangen door zekerheid.

Alleen heeft die zekerheid een laboratoriumjas aangetrokken.

Het raadsel van bewustzijn

Van alle mysteries waarmee wij leven, lijkt bewustzijn misschien wel het vreemdste.

We spreken er dagelijks over alsof het vanzelfsprekend is.

Ik denk.

Ik voel.

Ik herinner.

Ik verlang.

Maar niemand weet werkelijk hoe een verzameling neuronen verandert in de ervaring van een zonsondergang.

Of verdriet.

Of liefde.

Of schaamte.

Een hersenscan kan activiteit tonen.

Ze kan patronen tonen.

Ze kan correlaties tonen.

Maar tussen elektrische signalen en de ervaring van een rode roos gaapt nog altijd een afgrond.

Een wetenschappelijke afgrond.

Een filosofische afgrond.

Misschien zelfs een existentiële afgrond.

Dat betekent niet dat bewustzijn bovennatuurlijk is.

Het betekent alleen dat we niet weten wat bewustzijn is.

En dat niet-weten verdient misschien meer respect dan het tegenwoordig krijgt.

Een mysterie verdwijnt niet omdat we er een technisch woord voor vinden.

De mensen die terugkeerden

Bijna-doodervaringen bevinden zich in een ongemakkelijke zone.

Te spiritueel voor veel wetenschappers.

Te wetenschappelijk voor veel spirituelen.

Mensen beschrijven tunnels van licht.

Ontmoetingen.

Een gevoel van diepe verbondenheid.

Soms waarnemingen die achteraf moeilijk verklaarbaar lijken.

Misschien zijn het neurologische processen.

Misschien.

Misschien zijn ze dat volledig.

Misschien gedeeltelijk.

Misschien begrijpen we het fenomeen nog onvoldoende om de juiste vraag te stellen.

Wat opvalt, is niet dat mensen zulke ervaringen rapporteren.

Wat opvalt, is hoe ongemakkelijk we worden zodra iets niet onmiddellijk in bestaande categorieën past.

Alsof de werkelijkheid verplicht is zich aan onze archiefkasten aan te passen.

Alsof een verschijnsel pas mag bestaan nadat wij het correct hebben gelabeld.

De hemel boven onze modellen

Ook de recente belangstelling voor onverklaarde luchtverschijnselen zegt misschien minder over de hemel dan over onszelf.

Decennialang werd het onderwerp gereduceerd tot karikaturen.

Mensen met aluminium hoedjes.

Buitenaardse complotten.

Televisieprogramma’s die sensatie verkochten als openbaring.

Maar onder die karikaturen bleef een eenvoudiger vraag bestaan:

Wat doen we met verschijnselen waarvoor we nog geen afdoende verklaring hebben?

De geschiedenis van kennis is immers niet de geschiedenis van antwoorden.

Ze is de geschiedenis van verschuivende vragen.

Elke generatie denkt dichter bij de voltooiing te staan dan de vorige.

Elke generatie ontdekt vervolgens nieuwe onbekenden.

De kaart groeit.

Maar de horizon groeit mee.

Kennis is soms niets anders dan een nauwkeuriger besef van hoeveel wij niet weten.

Kwantumfysica en de vernedering van het gezond verstand

Niemand zou kwantumfysica moeten gebruiken als bewijs voor spirituele overtuigingen.

Daarvoor is de materie veel te ingewikkeld.

Maar misschien bevat de kwantumwereld wel een andere les.

Niet dat alles mogelijk is.

Maar dat de werkelijkheid zich niet verplicht voelt intuïtief te zijn.

Elektronen gedragen zich niet zoals gezonde mensenlogica verwacht.

Ruimte en tijd blijken minder stabiel dan ooit gedacht.

Waarneming speelt een vreemdere rol dan klassieke modellen voorspelden.

Het universum blijkt op sommige punten intelligenter dan onze intuïtie.

En dat is een vernederende ontdekking.

Misschien zelfs een bevrijdende.

Want wat als volwassenheid niet betekent dat we alle mysteries oplossen?

Wat als volwassenheid betekent dat we leren leven met mysteries zonder onmiddellijk naar dogma’s te grijpen?

Religieuze dogma’s.

Wetenschappelijke dogma’s.

Politieke dogma’s.

Spirituele dogma’s.

De vorm verandert.

De psychologische behoefte blijft vaak dezelfde.

De economie van zekerheid

Misschien speelt er nog iets anders.

Iets maatschappelijks.

Zekerheid verkoopt.

Twijfel verkoopt slecht.

Een politicus die zegt “ik weet het niet” verliest stemmen.

Een influencer die zegt “het is ingewikkeld” verliest volgers.

Een goeroe die zegt “de werkelijkheid is ambigu” verkoopt minder boeken.

Onze economie beloont overtuiging.

Niet nuance.

Beslistheid.

Niet aarzeling.

Het gevolg is dat we steeds meer mensen krijgen die antwoorden produceren en steeds minder mensen die vragen durven bewonen.

Terwijl juist daar misschien iets menselijks gebeurt.

In die ruimte tussen weten en niet-weten.

In die ongemakkelijke kamer waar geen enkele theorie volledig past.

Wat overblijft

Ik denk soms terug aan die ziekenhuisgang.

Aan die man die naar een lege hoek van de kamer keek.

Misschien zag hij niets.

Misschien zag hij iets.

Misschien was het een neurologisch verschijnsel.

Misschien was het meer.

Ik weet het niet.

En misschien is dat precies het punt.

Niet dat we moeten geloven.

Niet dat we moeten ophouden met kritisch denken.

Maar dat intellectuele eerlijkheid soms betekent dat we de deur op een kier laten staan.

Niet voor elk idee.

Niet voor elke fantasie.

Wel voor de mogelijkheid dat de werkelijkheid groter is dan de kaarten die wij ervan tekenen.

Het onbekende is niet automatisch bovennatuurlijk.

Maar het onbekende is ook niet automatisch betekenisloos.

Twijfel is niet het tegenovergestelde van geloof; soms is zij de meest eerlijke vorm ervan.

Wie alle mysteries wil vernietigen, loopt het risico ook de verwondering te verliezen.

En misschien begint wijsheid niet waar de antwoorden liggen, maar waar we eindelijk leren luisteren naar de vragen die blijven terugkomen.

Dat is geen conclusie.

Hoogstens een richting.

Een manier om verder te leven in een wereld die zich telkens opnieuw groter blijkt te maken dan onze verklaringen.

Niet omdat zekerheid onmogelijk is.

Maar omdat de werkelijkheid misschien rijker is dan zekerheid ooit kan bevatten.

Alles op onze blog is voor Zelfzorg en solidariteit, vaardigheids- en reflectiepraktijk, groei en bewustwording met psycho-educatieve informatie over individu en samenleving.

Op geen enkele manier is dit een aanzet tot haat of geweld, discriminatie of racisme.

✨ Jouw volgende stap naar heling begint hier

Voel je dat dit artikel je raakte? Dat het iets in beweging zette? Laat dat moment niet verloren gaan. Like, comment en share!

Sluit je aan bij onze online community – een warme, veilige plek waar gelijkgestemden elkaar begrijpen en ondersteunen.

👉 Doe een groeitaak die bij dit artikel hoort. Je vindt de groeitaken bovenaan de blog. Kleine stappen, grote transformaties.

Laat een reactie achter. Jouw stem kan iemand anders de herkenning geven die ze vandaag nodig heeft.

👉 Deel dit artikel met een vriend(in) die worstelt of twijfelt. Soms is één doorstuuractie het verschil tussen vastzitten en vooruitkomen.

🌿 Samen bouwen we aan herstel, kracht en emotionele vrijheid.

Liefs Annemie en Johan Persyn-Declercq

Steun narcisme.blog door aankopen bij bol.

Gebruik het contactformulier!

We zijn benieuwd naar je reactie hieronder!Reactie annuleren