De oorlog in Oekraïne is niet bevroren: wat de nieuwe fase ons leert over macht, technologie en aanpassing
Inhoudsopgave
- Een kaart vertelt nooit het volledige verhaal
- Het wonderwapen bestaat niet
- De aanval die je ziet, begon misschien zes maanden geleden
- Meer mensen verliezen voor minder terrein
- Misschien worden er eigenlijk twee oorlogen tegelijk gevoerd
- Een kapotte tank en een levende bemanning
- Goed leiderschap verdraagt tegenspraak
- Wanneer vrijwilligers niet meer volstaan
- Oekraïne heeft tegelijk zijn eigen grenzen
- Kijk uit voor de headline
- Ook Europa staat niet buiten deze oorlog
- Misschien is aanpassingsvermogen uiteindelijk het echte wapen
- En uiteindelijk blijven mensen de prijs betalen
- Misschien is dit de echte nieuwe fase
Soms blijven we zo lang naar hetzelfde beeld kijken dat we niet merken dat het beeld intussen veranderd is.
Dat gevoel krijg ik wanneer ik vandaag naar de oorlog in Oekraïne kijk.
Jarenlang raakten we gewend aan ongeveer dezelfde woorden.
Loopgraven. Drones. Uitputting. Patstelling. Kleine terreinwinsten. Enorme verliezen.
We kregen bijna het gevoel dat deze oorlog vastzat.
Alsof niemand nog echt kon bewegen.
Alsof drones ieder voertuig dat zich op het slagveld waagde onmiddellijk zouden vernietigen.
Alsof tanks tot museumstukken waren gedegradeerd.
Alsof de frontlijn misschien nog enkele honderden meters verschoof, maar fundamenteel niet meer kon worden doorbroken.
Maar wat als dat beeld langzaam achterhaald raakt?
Wat als we niet het einde van de bewegingsoorlog hebben gezien, maar slechts een nieuwe fase waarin legers moesten leren hoe ze opnieuw konden bewegen?
Precies dat is misschien een van de belangrijkste inzichten uit de analyses die ik de voorbije dagen las en beluisterde.
De oorlog lijkt niet eenvoudiger te worden.
Integendeel.
Hij wordt opnieuw beweeglijker, technologischer, competitiever én onvoorspelbaarder. De aangeleverde analyses stellen expliciet dat het populaire beeld van een volledig bevroren oorlog niet langer volstaat en dat beide partijen opnieuw zoeken naar manieren om tactische beweging mogelijk te maken.
En misschien moeten we daarom opnieuw leren kijken.
Een kaart vertelt nooit het volledige verhaal
Wij houden van kaarten.
Dat is begrijpelijk.
Een kaart geeft overzicht.
Vandaag is dat dorp rood. Morgen blauw. Hier vijf kilometer vooruit. Daar drie kilometer achteruit.
Het voelt concreet.
Meetbaar.
Maar oorlog laat zich niet volledig begrijpen in vierkante kilometers.
Twee legers kunnen op de kaart ongeveer evenveel terrein winnen en toch een totaal verschillende oorlog voeren.
In de aangeleverde analyses wordt bijvoorbeeld een belangrijk onderscheid gemaakt tussen Russische infiltratietactieken en Oekraïense pogingen om opnieuw gemechaniseerde manoeuvres uit te voeren.
Russische eenheden zouden vaak met zeer kleine infanteriegroepen door de zogenaamde kill zone proberen te infiltreren, posities innemen en die daarna langzaam versterken.
Aan Oekraïense kant wordt geëxperimenteerd met iets anders: pantservoertuigen, infanterie, drones, elektronische oorlogsvoering en artillerie opnieuw samen laten functioneren.
Niet omdat drones plots verdwenen zijn.
Maar omdat men probeert de omstandigheden te creëren waarin die voertuigen opnieuw gedurende korte tijd kunnen bewegen.
Dat verschil lijkt misschien technisch.
Maar eigenlijk gaat het over iets heel fundamenteels.
Niet alleen hoeveel terrein win je, maar wat kost het je om dat terrein te winnen?
Hoeveel mensen verlies je?
Hoeveel materiaal?
Kun je dezelfde operatie volgende maand opnieuw uitvoeren?
Of put iedere vooruitgang je leger verder uit?
Dat is het verschil tussen beweging en duurzame beweging.
Het wonderwapen bestaat niet
We hebben tijdens deze oorlog al verschillende keren dezelfde fout gemaakt.
We zoeken het ene systeem dat alles zal veranderen.
Eerst waren het antitankwapens.
Daarna artillerie.
HIMARS.
Tanks.
F-16’s.
Drones.
Elektronische oorlogsvoering.
Langeafstandsraketten.
Telkens duikt dezelfde verleiding op:
Dit wordt het wapen dat de oorlog beslist.
Maar oorlog werkt zelden zo.
Een tank zonder bescherming tegen drones is kwetsbaar.
Een drone zonder operator is waardeloos.
Een operator zonder communicatie kan weinig.
Artillerie zonder goede doelinformatie schiet grotendeels blind.
Een succesvolle aanval zonder logistiek stokt.
En een doorbraak zonder voldoende mensen om het terrein te bezetten kan opnieuw verloren gaan.
Dat is misschien een van de fascinerendste ontwikkelingen van deze oorlog: technologie die gisteren verouderd werd verklaard, kan morgen opnieuw bruikbaar worden wanneer het systeem errond verandert.
Pantservoertuigen zijn daar een goed voorbeeld van.
Volgens de aangeleverde analyse blijken tanks, infanteriegevechtsvoertuigen en pantserwagens helemaal niet definitief uitgeschakeld door drones. Ze worden bruikbaar wanneer drones, elektronische oorlogsvoering, artillerie, infanterie en planning samen een tijdelijk beschermend venster creëren.
Dat is iets anders dan zeggen dat tanks opnieuw vrij over het slagveld kunnen rijden.
Dat kunnen ze niet.
Het venster kan klein zijn.
Misschien slechts enkele uren.
Misschien slechts over enkele kilometers.
Maar soms is dat voldoende.
En daarmee verandert de vraag.
Niet:
“Is de tank dood?”
Maar:
“Onder welke omstandigheden kan die tank opnieuw nuttig worden?”
Dat is een veel intelligentere vraag.
De aanval die je ziet, begon misschien zes maanden geleden
Wat mij misschien nog meer intrigeert, is hoeveel van moderne oorlogsvoering gebeurt vóór wij iets op de kaart zien.
We zien een dorp dat wordt ingenomen.
Een pantservoertuig dat doorbreekt.
Een positie die plots moet worden verlaten.
En dan lijkt het alsof die verandering die dag gebeurde.
Maar soms begon ze maanden eerder.
Dat heet shaping the battlefield: het slagveld zo veranderen dat de tegenstander op een bepaald moment kwetsbaar wordt.
Je probeert logistiek te beschadigen.
Commandoposten te vinden.
Drone-eenheden uit te schakelen.
Elektronische oorlogsvoering te verzwakken.
Bevoorradingsroutes te treffen.
Brandstof moeilijker beschikbaar te maken.
Communicatie te verstoren.
En ondertussen wacht je.
Vier maanden.
Zes maanden.
Soms langer.
Totdat ergens een zwakke plek ontstaat.
Pas dan komt het zichtbare gedeelte.
In een van de analyses wordt beschreven hoe Oekraïense operaties maandenlang kunnen werken aan het verzwakken van Russische dronecapaciteit en logistiek, waarna gedurende een klein tijdsvenster gemechaniseerde eenheden worden ingezet.
Dat verandert ook onze manier van kijken naar nieuws.
Niet iedere dag zonder grote terreinwinst is een dag waarop “niets gebeurt”.
Sommige van de belangrijkste processen zijn nauwelijks zichtbaar.
Misschien geldt dat trouwens voor veel meer dan oorlog.
Wij kijken graag naar resultaten.
Maar resultaten hebben vaak een lange, onzichtbare voorgeschiedenis.
Meer mensen verliezen voor minder terrein
Er zit nog een ander begrip in deze analyses dat belangrijk is: afnemend rendement.
Stel je voor dat je steeds meer investeert en steeds minder terugkrijgt.
Dan heb je een probleem.
Volgens de aangeleverde gegevens stegen de Russische verliezen gedurende bepaalde maanden terwijl de territoriale winst daar niet evenredig mee toenam. De analyse beschrijft dat expliciet als hogere kosten voor minder resultaat.
Dat betekent niet automatisch dat Rusland morgen militair instort.
Zo eenvoudig werkt oorlog niet.
Een groot land kan enorme verliezen absorberen.
Een autoritaire staat kan bovendien kosten opleggen aan zijn bevolking die in een democratische samenleving veel sneller politieke weerstand zouden oproepen.
Maar verliezen blijven verliezen.
Mensen moeten worden vervangen.
Nieuwe militairen moeten worden geworven.
Getraind.
Betaald.
Uitgerust.
Een voertuig dat vernietigd wordt, moet vervangen worden.
Een ervaren officier die sneuvelt, vervang je niet door eenvoudigweg een nieuwe naam op een personeelslijst te zetten.
En dus wordt de vraag steeds belangrijker:
hoe lang kun je een systeem dwingen steeds meer middelen te verbruiken voor steeds kleinere opbrengsten?
We moeten daarbij wel oppassen voor eenvoudige rekensommen.
Veertigduizend verliezen betekent niet automatisch dat bij vijftigduizend plots een leger instort.
Oorlog is geen spreadsheet.
Maar trends vertellen wel iets.
En een systeem dat permanent méér nodig heeft om hetzelfde te bereiken, staat onder toenemende druk.
Misschien worden er eigenlijk twee oorlogen tegelijk gevoerd
Wanneer we naar Oekraïne kijken, zien we meestal de frontlijn.
Maar ondertussen bestaat er nog een tweede slagveld.
Honderden kilometers verder.
Olie-installaties.
Elektriciteitscentrales.
Spoorwegen.
Wapenfabrieken.
Munitiedepots.
Luchthavens.
Logistieke knooppunten.
Energievoorziening.
Daar wordt geprobeerd de oorlogsmachine achter de frontlijn te beschadigen.
Dat gebeurt langs beide kanten.
En toch moeten we ook hier voorzichtig zijn met grote conclusies.
Het is verleidelijk om te denken:
Als je maar genoeg raffinaderijen, elektriciteitscentrales en fabrieken vernietigt, stort de tegenstander vanzelf in.
De militaire geschiedenis leert dat strategische bombardementen zelden op zichzelf een oorlog beslissen.
Ook de aangeleverde analyse benadrukt dat de oorlog in de diepte belangrijk is, maar niet noodzakelijk beslissend. Oekraïense aanvallen kunnen Russische logistiek en financiën beschadigen, terwijl Russische aanvallen vooral enorme druk leggen op Oekraïense burgers en energievoorziening. Toch vertaalt die schade aan de Oekraïense achterhoede zich niet automatisch in terreinwinst aan het front.
En daar bevindt zich een pijnlijke realiteit.
Wat militair niet beslissend is, kan menselijk verwoestend zijn.
Een elektriciteitscentrale is op een militaire kaart misschien een infrastructuurdoelwit.
Voor een gezin betekent ze warmte.
Licht.
Een koelkast.
Een lift in een appartementsgebouw.
Een ziekenhuis dat blijft functioneren.
Een kind dat tijdens de winter niet in een ijskoude woning hoeft te slapen.
Oorlog wordt vaak besproken in termen van capaciteit.
Maar achter capaciteit zitten altijd mensen.
Een kapotte tank en een levende bemanning
Er is nog iets dat mij trof.
Wij kijken vaak naar beelden van vernietigde voertuigen en zeggen:
“Daar ligt weer een tank.”
Militair verlies.
Miljoenen euro’s weg.
Maar wat als de bemanning eruit is gekomen?
Dan vertelt dat wrak nog een ander verhaal.
Een voertuig is uiteindelijk vervangbaar.
Een mens niet.
In één van de gesprekken wordt benadrukt dat moderne pantservoertuigen ook een beschermende functie hebben: zelfs wanneer het voertuig verloren gaat, kan de bemanning de aanval overleven. De analyse koppelt daarom materieel niet alleen aan vuurkracht, maar ook aan het beschermen van militairen.
Dat vind ik belangrijk.
Want oorlogstaal heeft de neiging mensen om te vormen tot aantallen.
Manpower.
Casualties.
Force generation.
Replacement rate.
Achter ieder woord staat iemand die ooit aan een keukentafel zat.
Iemand die een moeder heeft.
Een partner.
Misschien kinderen.
Strategie mag nooit betekenen dat we vergeten wat die strategie kost.
Goed leiderschap verdraagt tegenspraak
Een van de meest interessante politieke gedachten uit deze gesprekken gaat eigenlijk niet over drones of tanks.
Ze gaat over leiderschap.
Meer bepaald over frictie.
In een democratie botsen militaire en politieke leiders soms.
Er ontstaan discussies.
Commandanten worden vervangen.
Strategieën worden bekritiseerd.
Beslissingen worden teruggedraaid.
Van buitenaf kan dat chaotisch lijken.
Maar chaos en democratische tegenspraak zijn niet hetzelfde.
De analyse stelt zelfs dat spanning tussen civiele en militaire leiding een gezond kenmerk van democratische systemen kan zijn. Daartegenover wordt het gevaar geplaatst van een autoritair systeem waarin loyaliteit aan de leider belangrijker wordt dan de bereidheid slecht nieuws te brengen of fouten te corrigeren.
Dat is een gedachte die veel verder reikt dan deze oorlog.
Een leider die alleen mensen rondom zich verzamelt die zeggen:
“U hebt gelijk.”
lijkt misschien machtig.
Maar zo’n leider wordt ook steeds slechter geïnformeerd.
De werkelijkheid past zich namelijk niet aan het ego van een leider aan.
Een drone doet dat niet.
Een economie doet dat niet.
Een leger doet dat niet.
De vijand al helemaal niet.
Tegenspraak voelt lastig, maar kan een systeem sterker maken.
Misschien is dat zelfs een van de fundamentele verschillen tussen gezonde en ongezonde macht.
Gezonde macht kan kritiek verdragen.
Ongezonde macht wil bevestiging.
Wanneer vrijwilligers niet meer volstaan
En dan komen we bij een veel donkerder onderdeel van deze oorlog.
Mensen.
Geen enkele oorlog kan eindeloos worden gevoerd met alleen technologie.
Er moeten soldaten zijn.
Wanneer verliezen stijgen en vrijwillige rekrutering steeds moeilijker of duurder wordt, komt vroeg of laat de vraag naar mobilisatie.
De aangeleverde analyse beschrijft hoe het Russische systeem om militairen via financiële prikkels te rekruteren onder toenemende druk zou staan en hoe tegelijkertijd juridische en administratieve structuren worden aangepast die een bredere mobilisatie gemakkelijker kunnen maken.
En dan zie je hoe oorlog langzaam een samenleving binnendringt.
Eerst is oorlog iets op televisie.
Dan stijgen defensiebudgetten.
Dan verdwijnen bepaalde producten.
Dan sneuvelt iemand uit je omgeving.
Dan verandert wetgeving.
Databases worden gekoppeld.
Grenzen worden strenger gecontroleerd.
Bepaalde administratieve handelingen worden moeilijker wanneer iemand oproepen probeert te ontwijken.
En uiteindelijk wordt de vraag niet langer:
“Wil jij gaan vechten?”
maar:
“Hoe verhinderen we dat jij níét gaat?”
Dat is een fundamentele verschuiving.
Macht toont zich niet alleen op het slagveld.
Macht toont zich ook in de mate waarin een staat controle krijgt over het dagelijkse leven van zijn burgers.
Oekraïne heeft tegelijk zijn eigen grenzen
Daar moeten we eveneens eerlijk over zijn.
Het zou te gemakkelijk zijn om alle Russische problemen op te sommen en daaruit te besluiten dat Oekraïne dus vanzelf zal winnen.
Dat volgt helemaal niet uit deze analyses.
Oekraïne heeft ernstige beperkingen.
Manpower.
Munitie.
Luchtverdediging.
Pantservoertuigen.
Logistiek.
Commandovoering.
Luchtmacht.
En afhankelijkheid van buitenlandse ondersteuning.
De nieuwe tactieken kunnen lokaal succesvol zijn, maar de beschermende drone- en elektronische-oorlogsvoeringsbubbels zijn klein en tijdelijk. Een tactische vooruitgang van enkele honderden meters of het innemen van een dorp is nog iets totaal anders dan een operationele doorbraak over tientallen kilometers.
Dat onderscheid moeten we blijven maken.
Want misschien is een van de grootste vijanden van ernstige analyse wel onze behoefte aan spectaculaire verhalen.
Wij willen lezen:
DOORBRAAK.
INSTORTING.
KEERPUNT.
DE BESLISSENDE SLAG.
Maar meestal bestaat oorlog uit iets veel saaier en tegelijk verschrikkelijker:
aanpassen,
proberen,
mislukken,
leren,
voorbereiden,
opnieuw proberen.
Kijk uit voor de headline
Dat brengt mij bij iets wat ik bijzonder waardevol vind in deze gesprekken.
De voorzichtigheid.
Niet iedere claim wordt onmiddellijk als feit aangenomen.
Niet iedere aangekondigde operatie wordt als succes beschouwd.
Niet iedere kaartwijziging wordt meteen bevestigd.
In één passage wordt bijvoorbeeld expliciet gezegd dat bepaalde online berichten over omsingelingen nog niet met open bronnen konden worden geverifieerd, terwijl andere terreinwinsten wel met grotere zekerheid bevestigd konden worden.
Dat lijkt klein.
Maar in oorlogstijd is het essentieel.
Propaganda houdt van zekerheid.
Goede analyse houdt ruimte voor twijfel.
“Wij weten het nog niet.”
is soms een veel sterkere zin dan:
“Dit is absoluut wat er gebeurt.”
Misschien zouden we dat vaker moeten onthouden wanneer spectaculaire berichten op sociale media verschijnen.
Vraag jezelf eens af:
Wie zegt dit?
Wat weten we werkelijk?
Wat wordt verondersteld?
Wat kunnen onafhankelijke bronnen bevestigen?
En welk deel willen wij misschien gewoon graag geloven?
Ook Europa staat niet buiten deze oorlog
De grens tussen oorlog en vrede is bovendien minder netjes dan we soms denken.
Cyberaanvallen.
Sabotage.
Drones.
Brandstichting.
Desinformatie.
Politieke beïnvloeding.
Operaties die nét onder de drempel van een klassieke militaire aanval blijven.
De bronnen bespreken de bezorgdheid dat herhaalde incidenten in Europa kunnen functioneren als het aftasten van grenzen: hoe reageert Europa, hoe reageert de NAVO, hoeveel kan worden genormaliseerd voordat er een steviger antwoord komt? Tegelijk worden sommige concrete incidenten in de gesprekken nog als onderwerp van onderzoek of analyse beschreven.
Ook daar moeten we twee fouten vermijden.
Alles minimaliseren is gevaarlijk.
Maar alles onmiddellijk als het begin van een totale oorlog voorstellen, is dat eveneens.
We hebben iets moeilijkers nodig:
waakzaamheid zonder hysterie.
Misschien is aanpassingsvermogen uiteindelijk het echte wapen
Hoe langer ik naar deze oorlog kijk, hoe minder ik geloof in het idee van één beslissend wapen.
Ik geloof steeds meer in systemen die kunnen leren.
De technologie verandert.
Daar komt een tegenmaatregel op.
Vervolgens ontstaat een tegen-tegenmaatregel.
Een tactiek werkt drie maanden.
Dan heeft de tegenstander haar door.
Een kwetsbaarheid wordt ontdekt.
Ze wordt uitgebuit.
Daarna wordt ze versterkt.
Dat is oorlog als voortdurende innovatiecyclus.
En precies daarom kunnen voordelen tijdelijk zijn.
De bronnen waarschuwen daar ook voor: een tactisch voordeel moet worden benut zolang het bestaat, omdat de tegenstander ondertussen eveneens leert en tegenmaatregelen ontwikkelt.
Wie vandaag vooroploopt, kan morgen opnieuw ingehaald worden.
Technologie geeft geen permanente veiligheid.
Aanpassingsvermogen misschien wel.
Niet omdat je iedere keer wint.
Maar omdat je niet blijft vechten met het antwoord op het probleem van gisteren.
En uiteindelijk blijven mensen de prijs betalen
We kunnen uren praten over kill zones.
Operationele diepte.
Elektronische oorlogsvoering.
Force generation.
Combined arms.
Mobilisatie.
Strategische bombardementen.
Maar ergens moeten we terugkeren naar het begin.
Naar mensen.
Een moeder die tijdens een luchtalarm haar kind wakker maakt.
Een soldaat die al maanden nauwelijks slaapt.
Een gezin dat wacht op nieuws.
Een man die een mobilisatiebevel vreest.
Een stad zonder elektriciteit.
Een militair die in een pantservoertuig stapt en niet weet of hij ’s avonds terugkomt.
Een partner die zijn telefoon naast zich legt.
Daarom vind ik het belangrijk dat we oorlog proberen te begrijpen zonder erdoor gefascineerd te raken.
Begrijpen is niet hetzelfde als verheerlijken.
Militaire strategie bestuderen betekent niet dat we de menselijke prijs mogen abstraheren.
Integendeel.
Hoe beter we begrijpen hoe oorlog werkt, hoe duidelijker we zouden moeten zien wat oorlog doet.
Misschien is dit de echte nieuwe fase
De belangrijkste verandering is misschien niet dat tanks opnieuw bewegen.
Niet dat drones verder vliegen.
Niet dat logistieke knooppunten dieper achter de frontlijn worden geraakt.
Misschien is de echte verandering dat deze oorlog opnieuw competitiever wordt.
De uitkomst ligt niet eenvoudig vast.
Rusland beschikt over enorme middelen, industriële schaal en grote strategische diepte.
Maar die middelen zijn niet onbeperkt.
Oekraïne toont een opmerkelijk vermogen om tactieken en technologie aan te passen.
Maar ook Oekraïne beschikt niet over onbeperkte mensen, voertuigen, luchtverdediging of tijd.
Daarom is voorzichtigheid noodzakelijk.
Niemand kan vandaag met zekerheid zeggen hoe deze oorlog eindigt.
Wie dat wel beweert, verkoopt waarschijnlijk meer zekerheid dan de werkelijkheid ons geeft.
Wat we wél kunnen zien, is een oorlog die verandert.
Een oorlog waarin voorbereiding soms belangrijker wordt dan spektakel.
Waarin kleine tactische innovaties grote gevolgen kunnen krijgen.
Waarin uitputting niet alleen gemeten moet worden in terrein, maar ook in mensen, productie, geld en politieke draagkracht.
Waarin autoritaire controle misschien krachtig lijkt, maar ook verstarring kan veroorzaken.
En waarin democratische frictie soms rommelig oogt, maar juist ruimte kan creëren voor correctie en vernieuwing.
Misschien moeten we daarom minder vragen:
“Wie wint vandaag?”
En vaker:
“Welk systeem leert het snelst, beschermt zijn mensen het best en kan deze uitputtingsslag het langst volhouden zonder zichzelf te vernietigen?”
Want misschien wordt uiteindelijk daar beslist wie werkelijk sterker is.
Niet in de grootste woorden.
Niet in propaganda.
Niet in één spectaculaire aanval.
Maar in het vermogen om de werkelijkheid onder ogen te zien, fouten te corrigeren en zich opnieuw aan te passen.
En terwijl legers dat proberen te doen, mogen wij één werkelijkheid nooit uit het oog verliezen:
achter iedere verschuiving op de kaart ligt menselijk leven.
Dat is geen voetnoot bij de oorlog.
Dat is waar de oorlog uiteindelijk over gaat.
Bronnotitie
Deze blog is geschreven op basis van de drie aangeleverde interviews/gespreksteksten en brengt hun analyses en overtuigingen samen in één Nederlandstalige beschouwing. Waar actuele militaire ontwikkelingen, verliezen, mogelijke mobilisatie of mogelijke escalatie worden besproken, geef ik de analyse uit die bronnen weer; deze blog vormt geen onafhankelijke verificatie van iedere actuele claim.
Bronnen en verdere verdieping
1. Decoding Geopolitics – gesprek met George Barros
Ukraine War Expert: The War Just Entered a New Phase – And It’s About to Get Really Dangerous
Dominik Presl in gesprek met George Barros, Director of Innovation and Open Source Tradecraft bij het Institute for the Study of War, 5 september 2026.
Bekijk de aflevering / transcriptie
2. Frontline – gesprek met George Barros
Putin’s advance has been brought to a flatline
Frontline / Times Radio, gesprek over Oekraïense shaping operations, drones, elektronische oorlogsvoering, pantservoertuigen, Russische verliezen en de veranderende dynamiek aan het front.
Bekijk het gesprek op YouTube
3. Institute for the Study of War – Russian Offensive Campaign Assessment, 1 september 2026
Analyse van de Russische terreinwinst in augustus 2026, de hoge Russische verliezen, Oekraïense tegenoffensieve operaties en de evolutie van het front.
Lees de volledige ISW-analyse
4. Institute for the Study of War – Ukraine’s Fortress Belt: The Key to Sustaining the Frontline
George Barros over het strategische belang van de Oekraïense verdedigingsgordel in Donetsk en waarom het prijsgeven ervan grote operationele gevolgen zou hebben.
Lees en bekijk de ISW-analyse
5. Institute for the Study of War – Ukraine’s Strike Campaign Marks a New Phase of the War
Analyse van George Barros en Kateryna Stepanenko over Oekraïense aanvallen op Russische logistiek, dronecapaciteit en de gedeeltelijke terugkeer van gemechaniseerde manoeuvre op het slagveld.
6. Russian Offensive Campaign Assessment – 15 augustus 2026
ISW-analyse over de Oekraïense tegenoffensieve operatie, gecombineerd gebruik van drones, infanterie en gemechaniseerde middelen en de beperkingen van Russische terreinclaims.
Lees de analyse bij Critical Threats / ISW
7. George Barros – Institute for the Study of War / Critical Threats Project
Overzichtspagina met recente analyses en publicaties van George Barros over de oorlog in Oekraïne, Russische militaire operaties, mobilisatie en de ontwikkeling van het slagveld.
Bekijk de publicaties van George Barros
Verantwoording
Deze blog baseert zich in de eerste plaats op recente gesprekken en analyses met George Barros van het Institute for the Study of War. Omdat de oorlogssituatie snel verandert en sommige gegevens tijdens lopende operaties slechts gedeeltelijk met open bronnen kunnen worden geverifieerd, moeten concrete aantallen, terreinwinsten en verwachtingen steeds worden gelezen als een momentopname. Waar mogelijk zijn de gesprekken daarom aangevuld met de dagelijkse en thematische analyses van het Institute for the Study of War.
Misschien denk je: wat heeft een oorlogsanalyse met narcisme.blog te maken? Meer dan je op het eerste gezicht zou verwachten.
Op narcisme.blog gaat het vaak over macht en controle, manipulatie, angst, trauma, veerkracht, grenzen, groepsdruk en het vermogen om kritisch te blijven denken. Precies die mechanismen zien we ook op maatschappelijk en politiek niveau terug.
Autoritaire systemen vragen gehoorzaamheid. Propaganda probeert onze werkelijkheid te sturen. Angst maakt mensen kwetsbaarder voor eenvoudige antwoorden en sterke leiders. Langdurige dreiging houdt bovendien niet alleen soldaten, maar hele bevolkingen in een toestand van stress en hyperwaakzaamheid.
Tegelijk laat deze oorlog ook iets anders zien: mensen en samenlevingen kunnen zich aanpassen, samenwerken, fouten corrigeren en opnieuw veerkracht ontwikkelen.
En misschien is dat wel de brug met zoveel verhalen op deze website: herstel begint vaak wanneer je opnieuw leert kijken naar macht, verantwoordelijkheid, waarheid en menselijke waardigheid.
Welke patronen herken jij hierin — niet alleen in politiek of oorlog, maar misschien ook dichter bij huis?
Alles op onze blog is voor Zelfzorg en solidariteit, vaardigheids- en reflectiepraktijk, groei en bewustwording met psycho-educatieve informatie over individu en samenleving.
Op geen enkele manier is dit een aanzet tot haat of geweld, discriminatie of racisme.
Zie je een fout of heb je een vraag?
We doen ons best om de informatie op narcisme.blog zo zorgvuldig, correct en actueel mogelijk te houden. Toch kan er altijd ergens een fout, onduidelijkheid of verouderde informatie staan.
Merk je een onjuistheid op, heb je een inhoudelijke vraag of denk je dat bepaalde informatie moet worden aangepast? Laat het ons dan gerust weten via het daarvoor voorziene contactkanaal.
We bekijken meldingen zo zorgvuldig mogelijk en passen informatie aan wanneer daar een gegronde reden voor is. Ook verzoeken om bepaalde inhoud te corrigeren, aan te vullen of te verwijderen worden ernstig genomen en individueel beoordeeld.
Om je vraag efficiënt te kunnen behandelen, vragen we om dezelfde melding niet via verschillende kanalen tegelijk te versturen. Eén duidelijke boodschap met de link naar de betreffende pagina en een korte toelichting helpt ons het snelst verder.
Betrouwbare informatie, transparantie en respect voor onze lezers staan voor narcisme.blog centraal. Daarom waarderen we het wanneer je ons attent maakt op mogelijke fouten of verbeterpunten.
✨ Jouw volgende stap naar heling begint hier!
Voel je dat dit artikel je raakte? Dat het iets in beweging zette? Laat dat moment niet verloren gaan. Like, comment en share!
Sluit je aan bij onze online community – een warme, veilige plek waar gelijkgestemden elkaar begrijpen en ondersteunen.
👉 Doe een groeitaak die bij dit artikel hoort. Je vindt de groeitaken bovenaan de blog. Kleine stappen, grote transformaties.
Jouw stem kan iemand anders de herkenning geven die ze vandaag nodig heeft.
👉 Deel dit artikel met een vriend(in) die worstelt of twijfelt. Soms is één doorstuuractie het verschil tussen vastzitten en vooruitkomen.
Liefs Annemie en Johan Persyn-Declercq
