Sommige dingen om te overwegen als je denkt dat je met een pathologisch persoon te maken hebt. Aanwijzingen, rode vlaggen, dingen waar je op moet letten. Houd er rekening mee dat een of twee hiervan je niet pathologisch maken. Het moet binnen de context van de hele persoon, hun geschiedenis en algehele instelling zijn.
- Volledig in zichzelf gekeerd. Ze denken dat de hele wereld om hen en hun behoeften draait.
- Neemt geen verantwoording. Speelt altijd het slachtoffer.
- Ze lijken geen enorm scala aan emoties te hebben. Woede is de dominantste emotie.
- Diep van binnen heb je niet het gevoel dat ze het beste met je voor hebben.
- Chanteert je emotioneel. Gebruikt schuldgevoelens en je mededogen om je te beheersen.
- Emotioneel afsluiten, alsof ze altijd gevoelloos zijn of niets voelen.
- Bevestigt uw gevoelens niet. Het is alsof ze je niet zien. Verwaarlozing.
- Ze hebben geen grenzen en respecteren de jouwe zeker niet.
- Iets voelt niet goed aan bij deze persoon, maar je kunt je vinger niet leggen op wat het is.
- Recht hebben. Ze hebben het gevoel dat ze letterlijk het recht hebben om praktisch alles te doen of te zeggen. Jij hebt dat recht niet.
- Een pathologische persoon gebruikt wat ze over je weten tegen jou.
- Ze zijn erg kritisch en je zou ze nooit kunnen plezieren.
- Krijg het gevoel dat ze stiekem jaloers of jaloers op je zijn.
- Krijg het gevoel alsof ze van binnen leeg zijn. De enige zorgzame emoties die ze lijken te hebben, zijn voor zichzelf.
- Je voelt je alsof je altijd op eierschalen om hen heen loopt. Je kunt niet zeggen of doen wat je wilt.
- Krijg het enge gevoel alsof er iets stiekem sinister of gevaarlijks is aan deze persoon.
Wanneer alles steeds terug naar de ander draait
Misschien is het meest verwarrende niet eens dat iemand voortdurend met zichzelf bezig is.
Het meest verwarrende is wat er met jou gebeurt wanneer je daar lang genoeg naast leeft.
Want wanneer één persoon structureel het middelpunt van de relatie wordt, ontstaat er iets merkwaardigs: de andere persoon begint langzaam uit beeld te verdwijnen.
Niet letterlijk.
Maar wel emotioneel.
Je behoeften worden uitgesteld.
Je woorden worden voorzichtiger.
Je verwachtingen worden kleiner.
Je vraagt steeds minder.
Tot je op een dag misschien denkt:
Wanneer ben ik eigenlijk gestopt met mezelf mee te nemen in deze relatie?
Dat is een belangrijke vraag.
Het probleem is niet dat iemand behoeften heeft
Iedereen heeft behoeften.
Iedereen wil gehoord worden, gezien worden, gewaardeerd worden en soms zelfs verzorgd worden.
Dat is menselijk.
Het verschil zit in wederkerigheid.
In een gezonde relatie kunnen twee werkelijkheden naast elkaar bestaan.
Ik kan pijn hebben én begrijpen dat jij moe bent.
Jij kunt boos zijn én toch erkennen dat jouw woorden mij hebben geraakt.
Ik kan een grens trekken zonder dat jouw grens daardoor waardeloos wordt.
Er is ruimte voor twee mensen.
Maar wanneer een relatie steeds opnieuw rond één persoon wordt georganiseerd, ontstaat er een andere dynamiek:
jouw werkelijkheid krijgt alleen plaats wanneer ze de werkelijkheid van de ander niet bedreigt.
En juist daar kan je jezelf langzaam verliezen.
Je wordt misschien een expert in de ander
Je leert gezichten lezen.
Stemveranderingen.
Stiltes.
Zuchten.
De manier waarop een deur wordt dichtgedaan.
Je merkt onmiddellijk wanneer de sfeer verandert.
Je weet wanneer je beter niets zegt.
Wanneer je iets moet verzachten.
Wanneer een grapje verkeerd kan vallen.
Wanneer je moet wachten.
Wanneer je moet toegeven.
En weet je wat daar zo verraderlijk aan is?
Van buitenaf kan het lijken alsof jij gewoon bijzonder empathisch bent.
Maar soms is het geen empathie meer.
Soms is het hyperwaakzaamheid.
Je aandacht is voortdurend naar buiten gericht:
Hoe voelt hij zich?
Is zij boos?
Heb ik iets verkeerd gedaan?
Moet ik dit nog uitleggen?
Hoe voorkom ik straks een conflict?
Ondertussen wordt een veel belangrijkere vraag nauwelijks nog gesteld:
Hoe gaat het eigenlijk met mij?
Je hoeft iemand niet te diagnosticeren om een patroon ernstig te nemen
Dit vind ik belangrijk.
Niet iedere egocentrische, boze, afstandelijke of moeilijke persoon heeft een narcistische persoonlijkheidsstoornis.
Mensen kunnen defensief zijn.
Onveilig gehecht.
Emotioneel onvolwassen.
Getraumatiseerd.
Overbelast.
Of simpelweg slecht geleerd hebben hoe wederkerige relaties functioneren.
Daarom moeten we voorzichtig zijn met etiketten.
Maar voorzichtig zijn met etiketten betekent niet dat we schadelijk gedrag moeten minimaliseren.
Je hoeft geen diagnose te kennen om te mogen zeggen:
Dit patroon doet mij pijn.
Je hoeft geen psycholoog te zijn om te merken:
Ik word hier steeds kleiner.
En je hoeft niemand officieel een narcist te noemen voordat je een grens mag stellen.
Let minder op woorden en meer op herstel
Bijna iedereen kan sorry zeggen.
Bijna iedereen kan beloven dat het anders zal worden.
En na een zwaar conflict kunnen mensen verrassend overtuigend klinken.
Daarom is er een andere vraag die soms veel belangrijker is:
Kan deze persoon herstellen wat er tussen ons beschadigd werd?
Echt herstel betekent meer dan:
“Sorry dat jij je zo voelt.”
Het betekent bijvoorbeeld kunnen zeggen:
Ik begrijp wat mijn gedrag met jou deed.
Ik had dat anders moeten aanpakken.
Wat heb jij nu van mij nodig?
Ik ga proberen dit concreet anders te doen.
En vervolgens moet er iets nog belangrijkers gebeuren:
het gedrag verandert.
Niet perfect.
Niet onmiddellijk.
Maar zichtbaar.
Want verantwoordelijkheid zonder gedragsverandering wordt al snel een ceremonie.
Dezelfde ruzie.
Dezelfde excuses.
Dezelfde belofte.
Dezelfde pijn.
En opnieuw beginnen.
Een gezonde relatie kan jouw werkelijkheid verdragen
Dat klinkt misschien eenvoudig.
Maar het is enorm belangrijk.
Kun jij zeggen:
“Dat deed mij pijn.”
zonder onmiddellijk te moeten verdedigen waarom?
Kun jij zeggen:
“Daar ben ik het niet mee eens.”
zonder dat jouw karakter wordt aangevallen?
Kun jij zeggen:
“Ik wil dit niet.”
zonder dat daar een emotionele rechtszaak op volgt?
Kun jij verdriet hebben zonder dat het gesprek uiteindelijk over de ander gaat?
Kun jij succes hebben zonder je schuldig te voelen?
Kun jij ruimte innemen?
Dat zijn interessante vragen.
Want liefde blijkt niet alleen uit wat iemand voor jou voelt.
Liefde blijkt ook uit hoeveel psychologische ruimte jij naast die persoon mag innemen.
Soms raak je verslaafd aan uitleggen
Misschien herken je dit.
Je denkt:
Als ik het nog één keer duidelijk uitleg, begrijpt hij mij misschien.
Dus leg je uit.
Nog beter.
Nog zachter.
Met voorbeelden.
Met begrip voor zijn jeugd.
Met begrip voor haar onzekerheden.
Met begrip voor stress.
Met begrip voor trauma.
Met begrip voor alles.
En misschien gebeurt er iets pijnlijks:
je wordt steeds beter in het begrijpen van iemand die nauwelijks moeite doet om jou te begrijpen.
Daar moeten we soms durven stoppen.
Niet omdat communicatie onbelangrijk is.
Maar omdat communicatie alleen werkt wanneer beide mensen geïnteresseerd zijn in begrip.
Als jouw uitleg voornamelijk nieuwe informatie oplevert waarmee je later opnieuw kan worden aangevallen, dan is nóg beter uitleggen misschien niet de oplossing.
Er bestaat ook zoiets als relationele eenzaamheid
Je kunt naast iemand zitten en je verschrikkelijk alleen voelen.
Misschien zelfs eenzamer dan wanneer je werkelijk alleen zou zijn.
Want fysieke aanwezigheid is nog geen emotionele nabijheid.
Iemand kan naast je slapen en toch jarenlang niet werkelijk nieuwsgierig zijn naar wie jij bent.
Naar wat jou bang maakt.
Waar jij van droomt.
Wat jij nodig hebt.
Wat jij verloren hebt.
Waar jij trots op bent.
Dat is een bijzondere vorm van eenzaamheid.
Je bent niet alleen.
Maar je wordt ook niet werkelijk ontmoet.
Vraag jezelf eens iets anders
Misschien vraag je al jaren:
Waarom doet die persoon zo?
Interessante vraag.
Maar misschien is er een vraag die voor jouw herstel uiteindelijk belangrijker wordt:
Wat gebeurt er met míj wanneer ik bij deze persoon ben?
Word je vrijer?
Of voorzichtiger?
Voel je je groter?
Of kleiner?
Kun je spontaan zijn?
Of ben je voortdurend bezig met inschatten?
Kun je fouten maken?
Kun je nee zeggen?
Kun je succesvol zijn?
Kun je kwetsbaar zijn?
Kun je van mening veranderen?
Kun je gewoon bestaan zonder voortdurend iets te moeten bewijzen?
Let daar eens op.
Niet alleen op wie de ander zegt te zijn.
Maar op wie jij moet worden om de relatie leefbaar te houden.
Misschien is dát het signaal dat we te weinig bespreken
Sommige relaties veranderen je niet doordat iemand één verschrikkelijk ding doet.
Ze veranderen je door duizenden kleine aanpassingen.
Je slikt iets in.
Past iets aan.
Verontschuldigt je.
Probeert harder.
Verwacht minder.
Praat zachter.
Twijfelt langer.
Tot iets wat ooit ondenkbaar was langzaam normaal begint te voelen.
Daarom is herstel soms geen spectaculaire confrontatie.
Het begint veel kleiner.
Met opnieuw voelen:
Wat vind ík hiervan?
Wat wil ík?
Wat voelt voor míj respectvol?
Waar ligt mijn grens?
Wat zou ik adviseren wanneer iemand van wie ik hou mij precies dit verhaal vertelde?
Misschien begint daar iets terug te komen wat lange tijd naar de achtergrond verdween.
Jij.
Je hoeft niet eerst te bewijzen dat de ander slecht is
Dit is misschien een van de bevrijdendste inzichten.
Je hoeft geen rechtszaak over iemands karakter te winnen om jezelf te beschermen.
Je hoeft niet te bewijzen dat iemand een narcist is.
Je hoeft niet iedereen te overtuigen.
Je hoeft zelfs niet precies te begrijpen waarom iemand doet wat hij doet.
Soms is voldoende:
Dit gedrag is voor mij niet langer aanvaardbaar.
Dat is geen diagnose.
Dat is een grens.
En grenzen gaan uiteindelijk niet over het controleren van de ander.
Ze gaan over beslissen wat jij doet wanneer bepaald gedrag zich opnieuw voordoet.
Daar begint autonomie.
Niet wanneer de ander eindelijk begrijpt hoeveel pijn je hebt gehad.
Maar wanneer jouw veiligheid, waardigheid en werkelijkheid niet langer afhankelijk zijn van die erkenning.
Een kleine oefening: haal jezelf weer in beeld
Neem even papier.
Maak twee kolommen.
Schrijf links:
Waar ben ik voortdurend mee bezig bij de ander?
Misschien:
zijn stemming
haar goedkeuring
zijn reactie
haar kritiek
zijn behoeften
haar verwachtingen
Schrijf rechts:
Wat heb ik zelf nodig?
Misschien merk je dat die tweede kolom veel moeilijker is.
Dat is informatie.
Geen mislukking.
Misschien heb je simpelweg heel lang geoefend in het lezen van iemand anders en veel minder in het luisteren naar jezelf.
En dan kan herstel precies daar beginnen.
Niet met nóg beter begrijpen waarom de ander doet wat hij doet.
Maar met opnieuw leren zeggen:
Ik ben hier ook.
Welke kleine stap past vandaag bij jou?
Neem mee wat je helpt. Je kunt één inzicht laten bezinken, iets opschrijven of steun vragen. Kies wat bij jouw mogelijkheden past; ook rust nemen mag.
Wil je verder lezen? Kies via Start hier een gids die bij jouw vraag past.
Goed om te weten: onze informatie ondersteunt inzicht en zelfreflectie en vervangt geen persoonlijke diagnose, behandeling of professioneel advies.
Een vraag of fout melden? Neem contact op met ons. Vermeld bij een fout de link en de betrokken passage. Dit contactkanaal is geen crisisdienst.
Lees in onze publicatieprincipes hoe we werken meer over onze achtergrond, bronnen, correcties en commerciële verwijzingen.
Liefs,
Annemie Persyn-Declercq en Johan Persyn
Wij vallen. Wij staan op. Wij groeien.
Ontdek meer van
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
